AKKE EN KONINGSDAG
Ik ben Akke de Kraai en wij wonen achter het derde klokkengat van de toren, ik en mijn man Durk.
Op 28 maart is het Koningsdag en is er groot feest in de Rede. Och heden, zullen jullie denken, is het nu eindelijk zover dat Akke begint te dementeren? Nee mensen, ik heb het niet over Willem-Alexander, maar over onze eigen koning hier in Ried. Koning Lytse Rients. De koning van de kaatsvelden. Van jongs af aan heeft hij Ried daar vertegenwoordigd. Hij heeft onze naam hoog gehouden op de Freule, de Jong Nederland, de Bond, de PC en noem maar op.
Op 28 maart wordt hij tachtig jaar. Een kroonjaar, heel toepasselijk voor een koning. Rients is een echte Riester, geboren en getogen, net als ik en Durk. Eigenlijk is Rients nog een échtere Riester dan ik, want ik heb de tachtig nog niet aangetikt. Daarom ben ik altijd een beetje jaloers op hem, maar vooruit, ik gun hem de eer om de aller-echtste Riester te zijn.
Er kan in Ried bijna niets te doen zijn of Rients is erbij. Wie kent hem niet, met een pilsje in de hand, vaak een beetje vanaf de zijkant kijkend hoe anderen zich uitsloven, bijvoorbeeld in de tent tijdens de kermis. Maar Rients blijft netjes in de plooi, zoals het een koning en erelid van Klaas Mug betaamt. Hooguit verschijnt er een glimlach om zijn mond.
Wat veel mensen niet weten, is dat Rients en Durk oude maten zijn. Toen ze nog jong waren, gingen ze vaak samen op stap. Ze hebben samen heel wat beleefd, die twee. Vraag Rients er maar eens naar.
Dus zei ik tegen Durk: deze verjaardag kun je niet zomaar voorbij laten gaan. Jij moet zorgen voor een mooi cadeau. Geen luxe voorwerpen, daar heeft hij het huis al vol van, en ook geen klokje, die heeft hij vroeger al meer dan genoeg gewonnen. Als er iemand bij de tijd is in Ried...
Stom genoeg had ik alle vertrouwen in Durk, maar wat heeft die stiekem gedaan? Hij heeft een stripper geboekt voor het feest in de Rede. Dat kan niet, zei ik, Rients weet niet wat hem overkomt, dat is niet verantwoord. Bel dat mens af. Maar het was nog maar de vraag of dat nog kon, zei hij.
Afijn, wie naar de Rede komt, zal het zien.
Trouwens, ik ga ervan uit dat op 28 maart de vlag op de toren staat. Want zo hoort het op Koningsdag.
Gefeliciteerd, Rients.
Durks Akke